Personal brand / persona : Professionele identiteit
Hier in dit hoofdstuk ga ik aan mijn persoonlijke identiteit presenteren.
Beroepsrollen
Tijdens mijn twee stages heb ik nog niet een beroepsrol vervuld waarin ik mezelf in de toekomst zie werken. Wel ben ik in aanraking gekomen met verschillende beroepsrollen. Hierdoor weet ik inmiddels dat ik mezelf bijvoorbeeld geen logistiek manager zie worden, zoals mijn stagebegeleider Auke van Dijk.
Een rol die mij wél interessant lijkt, is die van Kees van Buuren bij SCU. Kees is partnershipmanager. Hij houdt zich bezig met het uitbreiden van samenwerkingen en het onderhouden van bestaande partnerschappen. Omdat deze partners BVO's zijn, heeft Kees veel contact met invloedrijke mensen binnen het betaald voetbal. Doordat hij oud-profvoetballer is, beschikt hij over een groot netwerk, wat hem helpt deze rol goed in te vullen. Voor iemand zonder dat netwerk is deze functie lastig, maar het is wel een rol die goed bij mij zou kunnen passen.
Tijdens mijn voortgangsgesprek met Auke, Mathijs en Guy besefte ik dat ik mij meer moet openstellen richting anderen. Het gaat dan over het bespreken van de voortgang van mijn opdracht, hulp durven vragen en praten over mijn leerdoelen. Dit gesprek heeft mij echt wakker geschud: er moet iets veranderen in mijn manier van werken bij SCU. Ik hoop dat ik mij vanaf nu gemakkelijker openstel en meer zal samenwerken met collega's.
Keuzes (profilering, SKO, keuzedelen en stages)
Ik heb ervoor gekozen om mijn profileringsdeel van het tweede en derde jaar te combineren tot één programma van 5 EC. Daarbij heb ik gekozen voor de opleiding Goalkeepercoach 2 van de KNVB. Met dit diploma mag ik jeugdkeepers trainen op eredivisieniveau. Op dit moment geef ik al keeperstraining bij mijn club, en de kans om dat in de toekomst bij een BVO te doen, lijkt me fantastisch.
In het eerste jaar heb ik de voetbal-SKO gevolgd, waarmee ik het VC1-diploma van de KNVB heb behaald. Dit vormde een goede basis voor vervolgopleidingen zoals Goalkeepercoach 2. Die keuze is dus goed uitgepakt.
Ik heb tweemaal het keuzedeel 'economie' gekozen, omdat de economische kant van het sportkundewerkveld mij aanspreekt. Tijdens deze keuzedelen heb ik geleerd hoe ik een BMC-model kan opstellen en hoe bedrijven zijn opgebouwd. In het eerste keuzedeel heb ik samen met Thom een fictieve keepersschool opgezet en testtrainingen georganiseerd. Dit project lag mij goed en was leerzaam.
Mijn stagekeuzes waren erg verschillend van elkaar. Mijn eerste stage zou oorspronkelijk bij een hockeyclub plaatsvinden, maar die verviel. Daarna kreeg ik twee opties: het Jeugdsport Innovatie Centrum (JIC) of PEC Zwolle United. Bij PEC zou ik werken aan een opdracht die al vaker was uitgevoerd. Bij JIC ging het om een compleet nieuwe en uitdagende opdracht. We kozen daarom voor JIC. Hier leerde ik dat ondernemen betekent dat niet alles lukt zoals je wilt – en dat dat oké is.
Voor mijn tweede stage heb ik bewust gekozen voor SCU, omdat in de opdrachtomschrijving stond dat ik zou samenwerken met BVO's. In de praktijk bleek dat minder het geval. Wel heb ik bij SCU geleerd dat ik mij minder moet afsluiten en anderen meer moet betrekken bij mijn leerproces en opdracht.
Hoe ik mezelf omschrijf als sportkundige
Ik zie mezelf als een sportkundige die nog zoekende is naar de juiste richting binnen het werkveld. Op dit moment ontwikkel ik mij in de voetbalwereld, omdat ik me daar thuis voel. Tegelijkertijd wil ik mezelf verbeteren in het betrekken van anderen bij mijn leerproces. Ik ben me aan het oriënteren op functies binnen een BVO, ook functies buiten het veld.
Ik bevind me nu nog een beetje op de achtergrond van het werkveld. Dat komt doordat ik nog geen duidelijk einddoel voor ogen heb. Zodra ik dat einddoel heb, kan ik daar gericht naartoe werken.
Ik werk het beste in een vaste groep mensen met wie ik een goede band heb. Ik vind het lastig om mezelf open te stellen naar mensen die ik minder goed ken. Ik zie mezelf niet als iemand die vijf dagen per week op kantoor zit. Een combinatie van werken op kantoor en in de praktijk past beter bij mij.
Ontwikkelplan
Tijdens mijn voortgangsgesprek bij SCU kwam naar voren dat ik moeite heb om dingen te delen met anderen – zowel over mijn opdracht als over mijn persoonlijke leerdoelen. Daarom heb ik samen met Auke van Dijk een plan opgesteld. Hierin staat dat ik wekelijks mijn voortgang en werkzaamheden deel met mensen binnen de organisatie. Op die manier hoop ik te groeien in openheid en samenwerking.
Ik als sportkundige
Op basis van alle bovenstaande inzichten concludeer ik dat ik nog een lange weg te gaan heb, maar ook dat ik inmiddels weet waar die weg begint. Ik ben nog op zoek naar een einddoel na mijn opleiding, maar ik geloof dat ik door middel van mijn profileringskeuze en toekomstige stages iets zal vinden dat echt bij mij past.
Wat ik nu vooral wil leren is mijzelf meer open te stellen en anderen te betrekken bij mijn werk en leerproces. Ik voel me prettiger in kleine groepen met mensen waarmee ik een goede band heb, dan in grote groepen waar ik me minder mee verbonden voel. Door mijn gesloten houding zien mensen soms verschillende versies van mij.
Wat mij onderscheidt als sportkundige, is dat ik ben opgegroeid in een omgeving met veel verschillende culturen. Daardoor kan ik mij goed in anderen verplaatsen. Daarnaast heb ik op relatief hoog niveau gevoetbald, waardoor ik al een netwerk heb opgebouwd binnen de voetbalwereld. Daar kan ik nu gebruik van maken.
Ook al stel ik me niet altijd volledig open, ik ben wel altijd mezelf. Mijn professionele identiteit kenmerkt zich door een praktische instelling: ik schrik er niet voor terug om minder leuke taken op te pakken of om langer door te werken als dat nodig is.
Ik wil me verder onderscheiden door het behalen van meerdere diploma's in de voetbalwereld. Dankzij mijn culturele achtergrond en ervaringen kan ik me goed aanpassen aan verschillende situaties en doelgroepen.